Syndroom van Down 2017-12-07T16:47:10+00:00

Syndroom van Down

Kinderen met het syndroom van Down hebben problemen in hun spraak- en taalontwikkeling. De Logopediepraktijk voor Kinderen behandelt veel kinderen met het Downsyndroom.

Kinderen met het syndroom van Down ontwikkelen zich, zoals alle kinderen, op een andere en eigen manier. Er zijn echter enkele dezelfde kenmerken voor hun spraak- en taalontwikkeling:

  • Het taalbegrip is aanzienlijk beter ontwikkeld dan de taalproductie (het spreken).
  • De spraak is vaak minder goed te verstaan (onder meer door de lage spierspanning in het mondgebied en door problemen bij het plannen, coördineren en afstemmen van de bewegingen van de verschillende mondspieren). (Er is een slechte samenwerking tussen lip-, kaak-, en tongspieren.)
  • Ze lijken vaak problemen te hebben om het juiste woord te vinden (woordvindingsproblemen).
  • Ze hebben moeite om de draad van een verhaal vast te houden.
  • Vaak zijn er stottersymptomen.
  • Er is een commandoprobleem, dat wil zeggen dat de spontane spraak beter is dan het vermogen om vragen te kunnen beantwoorden (terwijl het kind het antwoord vaak wel weet).
  • Ze hebben moeite bij de zinsopbouw. Woorden worden vaak achter elkaar geplakt, de grammaticale structuur van de zin is vaak simpel en incorrect.
  • Het auditieve geheugen en de auditieve informatieverwerking zijn zwak en veel minder ontwikkeld dan het visuele geheugen (ook zijn er regelmatig gehoorproblemen).
  • Het proces van het leren denken is vaak verstoord, waardoor de ‘innerlijke spraak’ vaak ontbreekt. (Innerlijke spraak is het vermogen om jezelf via taal aan te sturen, het vermogen om in jezelf te kunnen praten zodat je je gedrag kunt reguleren, je handelen kunt plannen en je gevoelsontwikkeling kunt bepalen.)

Communicatieve redzaamheid

In eerste instantie is de communicatieve redzaamheid van het kind van groot belang. Hoe het kind zich duidelijk kan maken is nog niet het belangrijkst, meer dát het zich kan uiten en dit ook doet! We streven ernaar om zijn communicatieve redzaamheid te vergroten en te verbeteren. Er is aandacht voor de voorwaarden om tot een goede communicatie te komen, zoals het aanleren van het maken van (oog)contact, beurtgedrag en het leren imiteren. Gedeelde aandacht speelt hierbij een grote rol. Het vasthouden van aandacht, het zichzelf leren aansturen in een taak zijn hierbij van belang.

We werken altijd vanuit de interessewereld van het kind en vanuit de principes van ‘totale communicatie’. Naast het spreken, waarbij alleen een beroep gedaan wordt op het auditieve systeem (het luisteren, het verwerken van spraak), zetten we ook andere communicatiemiddelen ter ondersteuning in, die een beroep doen op een ander zintuig: de visus.

De ontwikkeling van het spreken wordt bemoeilijkt door problemen met het gehoor en het auditief verwerken van informatie. Het visuele kanaal functioneert meestal beter. Daarom zetten we gebaren en schriftbeeld in en waar nodig ook voorwerpen en pictogrammen om de spraakontwikkeling te stimuleren en om later de woord-, zins- en verhaalopbouw te vergemakkelijken.

Gebaren

Gebaren helpen in de communicatie en helpen het kind te spreken. Er zijn goede en aantrekkelijke dvd’s in omloop waarmee het kind spelenderwijs gebaren kan leren, zoals Lotte en Max (www.gebarenwebwinkel.nl). We kunnen – als u dit wilt – een gebarenavond op maat verzorgen voor ouders en betrokkenen rond het kind.

Meer informatie over gebaren: Nederlands met Gebaren (NmG): www.gebarencentrum.nl en www.lerengebaren.nl.

Schriftbeeld

Naast gebaren zetten we ook het schriftbeeld al op jonge leeftijd in. We gebruiken daarbij twee methodes. De methode Leespraat is een methode van globaal leren lezen, indien mogelijk al vanaf zeer jonge leeftijd, om tot spreken te komen. De methode Tan-Söderbergh gaat uit van visuele ondersteuning van de gesproken taal door tekeningen en het geschreven woord en maakt daarnaast gebruik van bewegingsspel. De belevingswereld van het kind staat centraal en de daaraan gekoppelde spraak-taal bepaalt de inhoud van de therapie.

Meer informatie over schriftbeeld: www.stichtingscope.nl.

Vanaf de geboorte tot een jaar of 2 à 3 bezoeken we deze kinderen voor preverbale logopedie aan huis. Naast de ontwikkeling van de mondmotoriek, het leren eten en drinken en de gebitsverzorging komen ook het gehoor en het stimuleren van de communicatieve vaardigheden aan de orde.

Vanaf 3 of 4 jaar komen de kinderen naar de praktijk. Er blijft aandacht voor de ontwikkeling van het mondgebied en voor het eten/drinken, maar nu komt vooral de communicatieve redzaamheid met daarbij het stimuleren van de spraak/taalontwikkeling aan bod.

Heeft u nog vragen of wilt u meer informatie?
Neem dan gerust contact met ons op.